Mijn studentenleven was een kleurrijke collage van zalige (on)beantwoorde liefdes, onbereikbare idealen, dronkenschappen en andere uitspattingen. Maar tegen mijn drieëndertigste drong tot mij door dat ieder kunstwerk onder invloed van de tijd zijn frisse teint verliest.
Mijn meeste vrienden waren al lang uit hun jeugddroom ontwaakt -al had ik toen het gevoel dat ze juist in slaap gesukkeld waren. Toch kon ik zelf ook steeds minder nieuws ontdekken in het Arnhemse uitgaansleven. Toen ik een vriendin met drie kinderen kreeg, openden mijn ogen zich langzaam voor andere perspectieven.
Op mijn vijfendertigste ging ik voor het eerst samenwonen.
Een aantal vrienden dat deze stap allang had gezet, waarschuwde mij: “Weet waar je aan begint, Gijs!” of: “Ik had er zelf véél langer mee moeten wachten.” Ik wist inderdaad niet waar ik aan begon, maar nog langer wachten, leek me een slechte optie. De IB-groep had me al een jaar eerder gemaand mijn studielening terug te betalen. Een teken aan de wand: mijn studententijd was écht voorbij.
Ik ben nu meer dan een jaar verder en het voelt als een goed besluit.
Maar in al die dingen zit ook een enorm voordeel. Er is veel meer mogelijk. Twee inkomens leveren meer op dan één. Vijf mensen kunnen taken verdelen. Vijf mensen leveren verschillende inzichten op. Het leven is zinvoller, want iedereen betekent iets voor elkaar. Een gedeeld huishouden kost minder… en samenwonen schept een mogelijkheid tot bewustwording.
Door deze stap besef ik hoe inefficiënt mijn vrijgezellenbestaan bestaan was. Hoe ik voor één persoon een heel huis warm stookte, veel eten weggooide, oplossingen miste die iemand anders had kunnen zien, alles alleen moest doen…
Ok, het is nu ook niet altijd ‘halleluja’. Er is ook veel geschreeuwd en gemopperd het afgelopen jaar, maar ik merk dat er met goede afspraken, een beetje coaching hier en een therapietje daar, heel wat kan worden bereikt. Ik ben nog lang niet klaar met samenwonen. Sterker nog:
samenleven heeft de toekomst,
daar ben ik van overtuigd. Als het aan mij ligt dan gaan we de mogelijkheden onderzoeken voor samenwerken en samenwonen op nog grotere schaal. De grenzen van het individualisme zijn in zicht. Ik ben ervan overtuigd dat het opraken van fossiele brandstoffen, de groeiende bevolking, extremere weersomstandigheden en daardoor veroorzaakte voedseltekorten mensen er toe zullen aanzetten om meer samen te doen.
Ik geloof dat wie nu iets van zijn individualisme durft op te geven, daar veel voor terug kan krijgen. Ik wil wel een boerderij kopen, maar met de huidige huizenprijzen gaat me dat echt niet lukken. Het lijkt me geweldig om zelfvoorzienend te zijn, maar dat kan ik absoluut niet alleen. Het lijkt me fantastisch om iets moois op te zetten waar meer mensen iets aan hebben, maar ja…
daar zijn meer mensen voor nodig!
(wordt vervolgd)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten